Spranger

Het Drijfverenspel is gebaseerd op het werk van de Zwitserse gedragswetenschapper Dr Eduard Spranger. Spranger classificeerde na jarenlange observaties zes essentiële attituden: Intellectueel, Praktisch, Esthetisch, Sociaal, Individualistisch en Traditionalistisch.

Attituden zijn volgens Spranger een optelsom van ervaringen opgedaan door afkomst, opvoeding, opleiding, ervaring en kennis. De waardering van die ervaringen (in positieve of negatieve zin) maakt dat wij persoonlijke overtuigingen gaan koesteren. Op basis van onze overtuigingen maken wij de afweging in bepaalde situaties wel of niet in actie te komen (daarom: drijfveren). Onze drijfveren bepalen in belangrijke mate door welke bril wij naar de wereld om ons heen kijken. Men kan ook spreken over wereldbeschouwing, paradigma, een manier om het leven te waarderen.

Over het algemeen bepalen de hoogste twee soms drie drijfveren de richting in iemands leven. In theorie is het niet mogelijk dat een persoon door alle zes de drijfveren even sterk wordt gemotiveerd.

Peter Roemeling werkt aan het verbeteren van teamprestaties o.a. door inzicht te geven in drijfveren. Het Drijfverenspel heb ik, samen met De Zwerm Groep, ontwikkeld om mensen spelenderwijs en met plezier dit inzicht te geven.

Het spel

Het drijfverenspel bevat zes drijfverenkaarten (groot formaat), hierop staat de betreffende drijfveer toegelicht. Daarnaast zijn er 120 speelkaarten. Elke speelkaart is twee keer aanwezig en bevat een woord dat iemand drijft/motiveert om in beweging te komen, ergens energie in te stoppen. Het spel kan met 2 tot 6 spelers worden gespeeld.

Spelregels

Het Drijfverenspel bevat zes drijfverenkaarten (groot formaat), hierop staat de betreffende drijfveer toegelicht. Daarnaast zijn er 120 speelkaarten. Elke speelkaart is twee keer aanwezig en bevat een woord dat iemand drijft/motiveert om in beweging te komen, ergens energie in te stoppen.

1. Het spel wordt gespeeld met twee tot zes spelers.
2. De kaarten worden geschud en elke speler krijgt acht kaarten; de zes grote drijfverenkaarten blijven gesloten op tafel liggen.
3. De overige kaarten worden gesloten op een stapel op tafel gelegd.
4. Om de beurt pakt een speler één kaart van de stapel en:
a. beargumenteert hardop waarom hij vindt dat het woord op de kaart wel of niet bij hem past;
b. van de negen kaarten die de speler nu in handen heeft, legt hij één kaart open op tafel waarvan het genoemde woord het minst bij hem past en beargumenteert zijn keuze.
5. De volgende speler pakt één kaart die een andere speler heeft weggelegd of één kaart van de overige nog niet gebruikte kaarten.
6. Spelregel 4.a, 4.b en 5 worden net zolang herhaald tot alle kaarten zijn besproken.
7. Het spel eindigt als elke speler acht kaarten in handen heeft met woorden die bij hem passen.
8. Als vervolg kunnen de spelers de verzamelde kaarten met elkaar bespreken en bediscussiëren.
9. Elke speler legt daarna nog twee kaarten weg, waarvan hij vindt dat die het minst bij hem passen.
10. Resultaat: elke speler heeft nu zes kaarten die het best bij hem passen.
11. Leg nu de zes grote kaarten met de uitleg van de drijfveren open op tafel en bepaal ieders drijfveren. Des te meer kaarten van een bepaalde drijfveer, des te sterker deze drijfveer aanwezig zal zijn.

Varianten

Je kunt het spel ook spelen door kaarten aan de medespelers te geven en niet aan jezelf. Hiermee verkrijg je inzicht in welke drijfveren andere mensen van jou zien. Heb je een andere spelvariant dan hierboven beschreven? laat het me weten en ik vermeldt het op deze pagina.

Meer informatie?

Wil je na het lezen van deze blog meer informatie, eens verder praten over het onderwerp, het spel spelen of een profiel maken?  Neem dan contact op met mij.